dinsdag 18 februari 2020

Krank

Ik vind dat ik recht heb op een gedoseerde portie zelfmedelijden. Toen mijn moeder in blijde verwachting (jawel) van mij was, had zij geelzucht. Ik dus ook. In mijn tweede levensjaar had ik hersenvliesontsteking waar ik bijna in bleef. Mijn jeugd werd sowieso gekenmerkt door allerlei creatieve aandoeningen met exotische namen. Heel interessant. Voor de medische stand wel te verstaan, ikzelf vond het een stuk minder komisch. Daarnaast was ik niet bijster handig. Moest ik in een wandrek klimmen met gym, ik flikkerde er geheid uit, met diverse botbreuken en hersenschuddingen tot gevolg. Tussendoor mochten een aantal chirurgen nog pingpongen met mijn blindedarm, lag ik in quarantaine vanwege een mysterieus virus en leed reeds op jeugdige leeftijd aan een ernstige vorm van neerslachtigheid. Het gegeven dat er thuis de constante dreiging van mijn vaders driftbuien hing, maakte de zaak er niet beter op. Later ging ik het lot een handje helpen door vrolijk de organen die het wel goed deden met de nodige wilskracht aan gort te zuipen. Daar heb ik nog steeds veel plezier van. Anderhalf decennium geleden werd er bij mijn schildklier extra weefsel geconstateerd, hetgeen operatief verwijderd moest worden. Hup, bijschildklier eruit, heb je toch vier van, fluitje van een cent toch? Ja, tot de hechtingen eruit mochten en ik enorme nabloedingen kreeg zodat ik bijna in mijn eigen bloed stikte. Wederom kantje boord. Ik ging op vakantie naar La Gomera en dankzij de drukverschillen in het vliegtuig mocht ik de vreugde van de clusterhoofdpijn ervaren, ook wel suicide headache genoemd. Pas na de tweede vakantie aldaar, die ik trouwens om duistere reden vooral kotsend in de badkamer van het appartement doorbracht, viel het kwartje. Ik werd doorverwezen naar een neuroloog en die raadde me aan nooit meer te vliegen en schreef me voor bij een aanval pure zuurstof te gaan inademen. Lang ben ik op mijn vrolijke avonturen vergezeld door een zuurstoftankje. Omdat ik veel bier zoop en veel te zwaar was kreeg ik jicht. Toen die onder controle was , ik dronk immers niet meer en had een vasthoudende reumatologe die diverse kuren op mij uitprobeerde, hield ik er chronische ontstekingen aan mijn gewrichten aan over. De bijwerkingen van de medicijnen waren spierslapte en hoofdpijn. Tussendoor kreeg ik ook nog eens een aanval van nierstenen, lag daarmee in het ziekenhuis van Deventer alwaar ik de mooie kunst van het projectielbraken onder de knie kreeg. Gelukkig kwam de clusterhoofdpijn niet terug. Dat werd ‘gewone’ migraine. Samen met de neurologe hier in Groningen allerlei dingen geprobeerd en uiteindelijk is ook dat weer redelijk onder controle. Een week of wat geleden vond ik dat de steeds maar uitdijende bult in mijn nek best verwijderd kon worden. Een kwestie van de juiste slager met het juiste scherpe mes. Het bleek iets meer voeten in de aarde te hebben dan verwacht, want er was sprake van inkapseling van weefsel en de brave slager moest best diep peuren, maar goed, bult eruit, geen kwaadaardige bult, eind goed, al goed. Dacht ik. Toen kwam de etter en lamlendigheid. Er bleek een ontsteking in de wond te zitten. Ik werd steeds zieker en dus op zondag toch maar naar de huisartsenpost. Wond schoongemaakt en zware antibiotica. Ik voel me nog steeds ziek en doodmoe. Wat een klaagzang hè? Maar ik ga positief eindigen. Ik overleef namelijk alles. Kom maar op met je ziektes en tegenslagen. Ik kan het hebben. Mij krijg je niet kapot. Ik kom overal doorheen. Tot ik eens een keer ergens aan doodga, maar daar zal ik dan zelf weinig van merken… © Lammert Voos

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Het zwijgen

het raam is vuil, buiten staat de wereld stil en raakt mij niet   als jij weg zou gaan wie zou ik dan nog zijn?   het raam i...